Schouder-armsyndroom

Schouder-armsyndroom

Brachialgie, Thoracic outlet syndroom, Carpale-tunnelsyndroom.

Wat is het?

Onder het schouder-armsyndroom worden vele aandoeningen geschaard, zoals brachialgie, radiculaire pijnen, het thoracic outlet syndroom en het carpale-tunnelsyndroom.

 

  • Het thoracic outlet syndroom (TOS), ook wel het schoudergordelsyndroom genoemd, is een verzamelnaam voor aandoeningen die veroorzaakt worden door het bekneld raken van de vaatzenuwbundel in het schoudergebied. Deze vaatzenuwbundel bestaat uit een slagader, een ader en een zenuwknoop. Indien deze vaatzenuwbundel bekneld raakt, kunnen pijn en functieklachten ontstaan in de nek-, schouder en armregio. Kenmerkend voor deze klachten is dat ze voornamelijk opkomen bij het heffen van de arm. Anatomische structuren zorgen ervoor dat de vaatzenuwbundel in het schoudergebied bekneld raakt. Als gevolg van deze beknelling kan het thoracic outlet syndroom ontstaan. De thoracic outlet is een smalle ruimte waar de vaatzenuwbundel doorheen loopt. Dit is een ruimte die wordt begrensd door het sternum (borstbeen), de eerste thoracale (borst-) wervel, de eerste rib en de clavicula (het sleutelbeen). Aan deze botstructuren hechten verschillende spieren en ligamenten (banden van bindweefsel) die, naast de genoemde botstructuren, de oorzaak kunnen vormen van de beknelling van de vaatzenuwbundel. Osteopathie is de aangewezen behandelvorm, omdat zij uitgebreid naar de oorzaak van de beknelling.
  • Brachialgie verwijst naar uitstralende pijn in een arm met tintelingen in de vingers. Vooral ’s nachts kan de pijn hevig zijn en het slapen belemmeren . Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een radiculair beeld (discus, hernia nucleus pulposi) en een pseudo-radiculaire pijn (diffuus, spieren, kapsel).

 

  • Het carpale-tunnelsyndroom is een beklemming van meestal de nervus medianus onder de peesloge bij de pols. De klachten zijn tintelingen, pijn en/of gevoelloosheid in het door de zenuw verzorgde gebied. Overbelasting en hormonale invloeden spelen een rol in de etiologie. Nieuwe patiënten met brachialgie en het carpale-tunnelsyndroom komen bij 4 op de 1.000 vrouwen voor.

 

Het ánders kijken van het IMC

Alle aandoeningen van de schouder-arm-regio staan niet los van het lichaam. Embryologisch gezien zijn de armen gegroeid uit het lijf (niet een apart onderdeel). Wij kijken daarom breed naar de oorzakelijke verbanden, die tot in het gehele lichaam kunnen liggen. De klachten zijn meestal het gevolg van oorzaken elders, waardoor de schouder of de arm een overbelasting moet doorvoeren om normale bewegingen door te kunnen voeren.

 

Wat kan het IMC?

Vrijwel alle aandoeningen van het schouder-armsyndroom zijn goed te behandelen door de Osteopathie. Er is in veel gevallen sprake van een verkeerde ‘stand’ of bewegingsverloop van één of meer gewrichten van de cervicale wervelkolom, de schouder, de elleboog of de handwortelbeentjes. Een gerichte behandeling laat meestal een snelle genezing zien. Daarnaast is een analyse en zo nodig aanpassing van de arbeidsomstandigheden noodzakelijk.