Hartinfarct (Myocardinfarct)

Hartinfarct (Myocardinfarct)

Myocardinfarct, Angina pectoris

Wat is het?

Het hartinfarct presenteert zich in de regel met een Iangdurige angineuze pijnaanval, die in rust optreedt. De pijn gaat gepaard met transpireren, misselijkheid, braken en een gevoel van doodsangst. De behandeling van een acuut hartinfarct behoort tot het terrein van de reguliere geneeskunde, waarbij de huisarts een aantal beslissingen met betrekking tot medicatie en ziekenhuisopname moet nemen. Na  ontslag uit het ziekenhuis komt vaak een revalidatieprogramma in aanmerking.

Ondanks de goede behandeling en nazorg belandt het grootste deel van de patiënten na een hartinfarct in de WAO, zowel op somatische als op psychische en sociale gronden. Iemand met een hartinfarct hoeft niet automatisch als een chronische patiënt beschouwd te worden, maar de langdurige medicatie bevordert deze stigmatisering. Het sterftecijfer van patiënten die door een hartinfarct worden getroffen bedraagt 25% door direct overlijden, in de weken daarna sterft 15-20%. Na ontslag uit het ziekhuis is de mortaliteit klein; al met al leeft de helft van de patiënten een jaar na de gebeurtenis. Het verdient dus aanbeveling preventief te werk te gaan bij hart- en vaatziekten.

 

Angina pectoris is een klachtencomplex waarbij pijn op de borst centraal staat. Lichamelijke inspanning, traplopen, tegen de wind in fietsen, temperatuursovergangen en emoties lokken de pijnaanval uit. Uitstraling naar de linkerarm, hals en kaken treedt vaak op. In rust verdwijnt de pijn binnen enkele minuten. Bijna altijd bestaat er een ernstige vernauwing van een of meer coronairarterieën.

Rond de leeftijd van 65 jaar komt angina pectoris voor bij 140 op de 1000 mannen; bij vrouwen is dit ongeveer 80 op de 1000. De reguliere therapie is gericht op het voorkomen en couperen van aanvallen, het verminderen van de klachten en verbeteren van de functionele validiteit. Chirurgisch ingrijpen (bypassoperatie) is een belangrijk hulpmiddel geworden.

 

Het ánders kijken van het IMC

In het IMC gaan we er vanuit van het feit dat het hart pas als laatste orgaan in de ziekteprocessen betrokken wordt. Behandeling van de voorgaande processen staat dus op de voorgrond. Als aanvullende therapie bij een eenmaal bestaande hartaandoening kan de Mesoloog gericht rekening houden met de reguliere medicatie, de bijwerkingen en de interventie met andere medicijnen; de Mesologie vervult bij uitstek de brugfunctie tussen reguliere en complementaire geneeskunde .

 

Wat kan het IMC?

In het IMC zijn we reeds jarenlang bedreven in de preventieve zorg voor hart- en vaatziekten.

  • Gezonde voeding, een uitgebalanceerd dieet, leefstijlmaatregelen vormen de basis van deze preventie.
  • Voorts kan een gerichte ondersteuning vanuit de Mesologie (fytotherapie en orthomoleculaire geneeskunde) van grote betekenis zijn. Hoewel er vanuit moet worden gegaan dat Mesologie bij hartaandoeningen een aanvullende therapie is, kan het welzijn van de patiënt aanzienlijk worden verbeterd.
  • Homeopathische medicatie (Mesologie) is vooral gericht op de psychische component van de hartaandoening. De opwinding, angst, krampen en benauwdheid vormen de indicatiegebieden van de medicijnkeuze.
  • Osteopathie speelt een belangrijke rol in de behandeling van hartaandoeningen. De beweeglijkheid van het mediastinum (midden-thoraxruimte) en de postoperatieve behandeling bepalen de mogelijkheden. Het hart zit verpakt in twee vliezen (epicard en pericard), deze vliezen hebben een vrije bewegingsruimte nodig. Pomp eens een bloeddrukmeter hoog op en probeer je onderarm (M. Biceps) te bewegen, dat gaat vrijwel niet. Zo ook met een hartspier (myocard) in te strakke vliezen. Osteopathie kan veel letterlijke en figuurlijke bevrijding geven.

 

Casus: hart onder de riem

Overal om ons heen horen we over het gevaar van hart en vaatziekten. De meeste ‘patiënten’ overlijden aan hart- en vaatziekten. En dus….. Toch zijn zowel het hart als de bloedvaten orgaansystemen die niet zo snel de fout in gaan. Opvallend is bijvoorbeeld dat er bij het hart nooit kanker wordt geconstateerd. Kennelijk zijn er vele vitale systemen die het hart behouden voor ernstige ziekten. Volgens de Chinese Geneeswijzen is het hart ook het laatste orgaansysteem dat wordt aangetast. Zij richten zich daarom liever op de preventie, zonder de dood te kunnen voorkomen natuurlijk.

In de preventie zal er meer gekeken moeten worden naar de omstandigheden van de vóór het hart geschakelde organen, zoals de lever, de nieren, de longen en de darmen. Voorkómen dat de laboratoriumwaarden pathologisch worden is nog altijd beter dan het gebruik van medicijnen als het eenmaal te laat is. Boven de leeftijd van dertig jaar is een goede check-up al zeer gewenst.

Een voorbeeld uit de praktijk. Op consult komt een 36 jarige man, gestrest door zijn baan en thuissituatie. Zijn klachten bestaan uit beklemming op de borst, kortademigheid en hartkloppingen. Vanwege het niet-pluis-gevoel bij het onderzoek heb ik hem doorgestuurd naar de cardioloog. Daar bleek dat deze man reeds drie hartinfarctjes achter de rug had, zonder het ‘echt’ te merken. De gebruikelijke therapie van de cardiologie heeft hij afgewezen en kwam weer terug op consult. Zijn lever en nieren werden met kruiden behandeld, zijn borstkas is osteopathisch behandeld om het hart meer vrijheid te geven zijn belangrijke functie uit te kunnen oefenen, daarnaast is hij psychologisch begeleidt op de vraag ‘ wat is jouw zin van je leven?’ Na een zestal maanden waren zijn klachten verdwenen, had hij een nieuwe baan en is zijn ECG (elektrocardiogram) om te zoenen. Belangrijker nog is dat hij weer denkt wat hij voelt en omgekeerd. Hij komt nu halfjaarlijks terug voor een check-up.

Bij zowel de preventie als de behandeling van hart- en vaatziekten zijn mijns inziens de omstandigheden waarop het hart zijn functie uit kan oefenen belangrijker dan het orgaan zelf. Een goeie APC, met hart en ziel leven, is belangrijker is dan het leven met de huidig wijd verbreide angst die om het hart slaat.