Osteopathie en preventie

Integrale aanpak van depressie
July 11, 2014
Eerste of tweede stem
December 16, 2014

De osteopaat onderzoekt de bewegingsmogelijkheden van het lichaam. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de bewegingen van gewrichten van de extremiteiten en de wervelkolom, maar ook van interne organen en hun vliezen.

Het menselijk lichaam is een wonderlijk stelsel van optimaal in elkaar grijpende structuren en weefsels. De beweging van een been bij het lopen veroorzaakt tegelijkertijd bewegingen van de wervelkolom en van de armen. Maar het been kan alleen bewegen als ook de organen van de buik, het middenrif en de borstholte dit toe laten. Het is letterlijk en figuurlijk een geolied ‘raderwerk’. Wanneer één van de radertjes stroef verloopt of helemaal niet beweegt, wordt het totale raderwerk verstoord. Net als bij een klok wordt dan het totale mechanisme ontregeld. Omdat ieder mens uniek is, is nooit van te voren te voorspellen welke verstoring bepaalde klachten veroorzaakt. Dat zal te allen tijde individueel bekeken moeten worden.

In de praktijk treffen wij regelmatig bewegingsverstoringen aan van de inwendige organen. Vaak is dit te wijten aan een veranderd (Westers) eetpatroon. Een dieet of een medicijn kan echter de ontstane ‘verkleving’ niet opheffen. Meestal dient dat door speciale handgrepen genormaliseerd te worden. Als voorbeeld neem ik de blinde darm, deze bevindt zich rechts onder in de buik. Hier vinden we de aansluiting van de dunne darm. Hier vindt een omschakeling van het verteringsproces plaats en tevens vinden we in deze regio de belangrijkste weerstand van de darm. De blinde darm (Caecum en niet de appendix) is vaak in zijn bewegingen verstoord.

Een fixatie van de blinde darm veroorzaakt een trek aan fasciën (vliezen) van spieren die naar het been verlopen. Door de continue trek van de gefixeerde blinde darm aan deze vliezen, veranderd de stand van het bovenbeen. Deze verandering is weliswaar minuscuul en vaak niet te zien, maar wel te voelen met bewegingstesten. De veranderde stand van het bovenbeen, vaak ‘draait’ hij naar buiten, dwingt het onderbeen in de andere richting te draaien, aangezien we toch recht vooruit willen lopen. Tevens heeft dit invloed op de voet en de wervelkolom.

Wanneer deze minieme standsverandering reeds jaren bestaat veroorzaakt dat een voorkeurspositie van de betrokken gewrichten. Deze voorkeurspositie is vaak de oorzaak van ongevallen. Een ondoordachte beweging tegen de voorkeursrichting in, doet het complete raderwerk verstoren en de coördinatie van het lichaam kan deze verstoring niet corrigeren. Zo ontstaan vele sport- en huis-tuin-en-keukenongevallen; hoewel het lijkt of het moment van het ongeval de aard van het ongeval bepaalt. Preventief onderzoek (regelmatige ‘çheck-up’) van het complete raderwerk zal de kans op ongelukken verminderen.